• Johannes De Breuker

‘Het is dringend tijd voor een empathische revolutie!’

Bijgewerkt op: sep 17

Een bloedmooie zwart-witdocumentaire over een zeug, haar biggen en een handvol ander slachtvee. Meer heeft Victor Kossakovsky niet nodig om in Gunda de mens zijn eigen verknipte wereldbeeld voor te schotelen. ‘Hoe ridicuul is het dat we van onze huisdieren houden maar andere vrolijk opeten?’


De oplichtende, levendige blik van Gunda (Illustratie: Kaat Mondelaers)
De oplichtende, levendige blik van Gunda (Illustratie: Kaat Mondelaers)

Waarom eten we nog altijd massaal vlees? Dat gaat er niet in bij 

Victor Kossakovsky. De documentairemaker somt dan ook duizelingwekkende cijfers op voordat hij begint over Gunda, zijn prachtige docu over boerderijdieren waarin de Rus een lelijke waarheid toont. Of eerder de ogen opent voor het feit dat er jaarlijk miljarden varkens, koeien en kippen worden gedood om op ons bord of tussen een sappig broodje te belanden – en dat terwijl deze dieren ook gevoelens en een eigen willetje en leven hebben. ‘Europeanen eten jaarlijks zo’n negentig kilo vlees, Amerikanen honderd. Dat is verschrikkelijk veel.’ 


Kosakovskiy is duidelijk een overtuigde vegetariër. ‘Toen ik vier jaar was, was mijn beste vriend een biggetje van één maand oud,’ vertelt de bevlogen filmmaker via Zoom, zittend achter zijn met studieboeken overladen bureau in Berlijn. ‘Ik was een echt stadskind maar toentertijd verbleef ik enkele maanden op het platteland. Daar ontmoette ik Lassia, een speels varkentje. We hadden een leuke tijd samen. Tot het plots bij mijn gastgezin op tafel belandde. Sindsdien eet ik geen vlees meer.’


‘Eigenlijk wou ik boswachter worden om dieren en bossen te beschermen, maar het is cineast geworden.’

Voor Kossakovsky was het maken van een artistieke film over het wel en wee van boerderijdieren dan ook pure noodzaak, een roeping die voortvloeide uit zijn passie voor zowel cinema als natuur. Alleen moest de cineast van de experimentele water- en ijsdocumentaire Aquarela daarvoor geld én een geschikte ecologische boerderij vinden, een zoektocht die hem langs het Noorse platteland en Joker-acteur Joaquin Phoenix bracht – waarover later meer. ‘Eigenlijk wou ik boswachter worden om dieren en bossen te beschermen, maar het is cineast geworden. Niet gek dus dat ik al meer dan twintig jaar probeer om een film over bomen en een andere over dieren te maken.’


Waarom duurde het zo lang om Gunda gemaakt te krijgen?

Victor Kossakovsky: ‘Mensen willen blijkbaar vooral films zien over schattige dieren – slimme honden, dolfijnen en olifanten – maar niet over de dieren die ze dagelijks eten, zoals kippen, koeien en varkens. De drievuldigheid noem ik ze. ‘Trinity’ was ook de werktitel van deze film toen ik in 1997 al met dit filmidee naar producers trok. Want meer nog dan de christelijke ‘heilige drievuldigheid’ is het deze trinity die ons dagdagelijks vervult. Dat heeft veel nadelen. Door zijn alomtegenwoordigheid krijgen ze weinig aandacht. Dat wil ik met deze documentaire veranderen.’


Hoe wist je dat de tijd vandaag rijp was voor een auteursdocumentaire over slachtvee, met een uitgesproken vegetarische boodschap?

‘Toen ik vijf jaar geleden naar Berlijn verhuisde, was er in mijn buurt slechts één restaurant met vegetarische gerechten. Vandaag vind je in mijn straat alleen al vijf vegetarische eettenten. De jongeren staan in die mentaliteitsverandering al veel verder dan mijn generatiegenoten. Zij zien ‘de mens’ nog altijd op de top van de piramide staan, met dieren ver onder zich. Dat is natuurlijk een belachelijk idee.


Waarom is dat belachelijk?

‘Enerzijds omdat je mensen hebt die de mens als goddelijk schepsel zien en anderzijds omdat je mensen hebt die in evolutie geloven. Zij die in het goddelijke geloven, zéker de Europese christenen, geloven dat wezens een ziel hebben. Dat huisdieren zoiets hebben, staat buiten kijf. Varkens blijkbaar niet. Hoe ridicuul is het dat we van onze huisdieren houden maar andere vrolijk opeten? En daarnaast heb je nog mensen die net als ik in evolutie geloven. Zij kunnen toch niet beweren dat de evolutie bij de mens stopte? Er moet dus ooit iets komen dat slimmer en misschien agressiever is als ons.’


Leeft de mens dan in toegevoegde tijd? 

‘Dat weet ik niet. Al merk ik wel verschillende zaken. Ten eerste dat elke stedeling die in een bos of op een open plek komt meteen onder de indruk is. Voor mij betekent dat de natuur harmonie uitstraalt. Daarnaast is de mens ook duidelijk een destructief element. We bedachten nucleaire wapens en concentratiekampen en ontwikkelden machines om jaarlijks miljoenen dieren te vermoorden. De mens is de enige die op zo’n schaal andere dieren doodt. We moeten terug een balans vinden en het leven rondom ons weer mee in rekening brengen. We moeten mee in dat harmonische geheel stappen.’


‘Wij zijn niet dezelfde mensen als vroeger. Omdat we niet langer menselijk zijn.’

Hoe doen we dat? 

(denkt na) ‘De relatie tot onszelf is natuurlijk ook veranderd. Wij zijn niet dezelfde mensen als vroeger. Omdat we niet langer menselijk zijn. Ik heb nu een horloge aan dat zegt dat ik vandaag al te lang heb stilgezeten. (lacht) Vroeger kende ik gemakkelijk 200 telefoonnummers uit mijn hoofd en nu ken ik zelfs mijn eigen nummer niet. In sommige landen zijn meer dan 10% van de baby’s niet op natuurlijke wijze verwekt. Organen en ledematen worden vandaag door protheses vervangen. Wij zitten in een overgangsperiode die onze toekomst zal bepalen.’


Elon Musk lonkt alvast naar Mars voor onze toekomst. 

‘Als Elon Musk naar Mars trekt mag hij énkel empathie meenemen, al de rest moet hij thuislaten. Anders verknallen we die planeet ook. We hebben al een industriële revolutie gehad, een seksuele en een digitale. Nu is empathie aan de beurt. Echt. Het is dringend tijd voor een empathische revolutie! (denkt na) Ik ben lang niet de eerste die dat zegt, want ook Tolstoj zei al dat het doden van een dier hetzelfde is als het doden van een mens. Waarom kunnen velen zo’n simpel idee niet begrijpen?’


Hoe zit het met empathie bij Gunda? Ergens toon je hoe zij één van haar biggetjes doelbewust verstikt.

‘Ik kan Gunda toch niet veroordelen voor het doden van een van haar biggetjes? Zeker niet als je weet hoeveel varkens wij dagelijks doden. Je kan me echt niet verwijten dat ik niet heb ingegrepen. Trouwens, ze had vaak gecheckt hoe het met dat biggetje gesteld was. Het was heel zwak en anders waren er misschien gezondere biggen gestorven. Ik wil gewoon tonen hoe het er aan toe gaat. Zonder gebruik van muziek of voice-over.’ 


Gunda en een van haar biggen (© Sant Usant, Victor Kossakovsky, Egil H Larsen)
Gunda en een van haar biggen (© Sant Usant, Victor Kossakovsky, Egil H Larsen)

Auteursdocumentaire


Zo uitgesproken Victor Kossakovsky als dier- en natuurliefhebber is, zo uitgesproken is de naar Duitsland geëmigreerde Rus ook als maker. Gunda is dus niet de pamflettaire televisiedocumentaire met schokkende of juist idyllische natuur- en dierbeelden die je zou verwachten van een werkstuk mét boodschap – vergeet dus David Attenborough even. Het is een aangrijpend en poëtisch zwart-witportret dat het boerderijleven uitgepuurd en sober op het grote scherm toont, zonder dat er één mens in te zien is. 


Waarom draaide je de film in zwart-wit? Toch geen vanzelfsprekende keuze voor een natuurdocu. 

‘Ik wilde een ode aan cinema maken. Daarnaast beschouwen kijkers zwart-witfilm ook als waardevoller. Onbewust denken ze dat zwart-witbeelden oud zijn en de tand des tijds overleefd hebben. Het feit dat je de beelden dan nu bekijkt, geeft hen extra waarde. Dat wil ik ook voor Gunda. Ik denk namelijk niet dat de film in zijn eerste week miljoenen kijkers zal lokken. Wél dat miljoenen mensen deze film de komende twintig jaar zullen zien. Maar de belangrijkste reden dat Gunda een zwart-witfilm is, is dat de varkens hierdoor meer persoonlijkheid krijgen.’


‘Varkens hebben kleine zwarte ogen hebben die opgaan in hun immense lichaam. Eens je alles in zwart-wit zet, komen die priemende ogen tot leven.’

Hoe bedoel je?

‘Toen de producenten en distributeurs zeiden dat de film in zwart-wit niet zou werken, heb ik hen een split screen-versie getoond. Links speelde ik de kleurenversie af, rechts de zwart-witversie. Daarna was meteen duidelijk dat ze in de kleurenversie biggetjes als schattige diertjes aanzagen die in een zee van groen gras en blauwe lucht leven. In de zwart-wit versie werden het echte wezens. Dat komt omdat varkens kleine zwarte ogen hebben die opgaan in hun immense lichaam. Eens je alles in zwart-wit zet, komen die priemende ogen tot leven.’


Gunda is je elfde non-fictiefilm in bijna dertig jaar. Hoe is het docu-genre in die tijd geëvolueerd?

‘Dat is een vraag die een prangend probleem aankaart. (denkt na) Weet je, de eerste films waren documentaires. Toen werden die films tot ‘cinema’ gedoopt. Daarna werden er fictiefilms gemaakt en kregen die de ‘cinema’-stempel opgedrukt en werden documentaires enkel nog documentaires genoemd. En wat valt er vandaag onder die noemer? Reportages. Iedereen die met zijn smartphone een filmpje van zijn hond of kinderen maakt, is documentairemaker. Dus eerst verloor documentaire de cinema-stempel en nu is het opnieuw zijn verzamelnaam kwijt. Zolang we geen term hebben voor de films die ik en mijn collega’s maken – films die in de realiteit verankerd zijn maar er als cinema uitzien – is de documentaire met uitsterven bedreigd.’ 


'Gunda' haalt zijn neus niet op voor schattige plaatjes (© Sant Usant, Victor Kossakovsky, Egil H Larsen)
'Gunda' haalt zijn neus niet op voor schattige plaatjes (© Sant Usant, Victor Kossakovsky, Egil H Larsen)

Dan moet er dringend een nieuwe benaming komen.

‘Een Tsjechische documentairemaker heeft al een goede poging gedaan: documentally. Als we die term kunnen injecteren in de filmgeschiedenis dan kan documentaire cinema nog gered worden. Kijk maar naar de kunstgeschiedenis. De reden dat we architectuurstijlen of stromingen als het kubisme nog kennen, is net omdat ze een naam kregen.’


Gelukkig heb jij iemand als Joaquin Phoenix die als executive producer helpt om mensen warm te maken voor jouw documentally. Hoe is dat gekomen?

(lacht) ‘Dat is een grappig verhaal. Mijn vorige film Aquarela kwam op dezelfde dag uit als Joker. Niemand ging mijn docu zien. Distributeurs belden me op om zich te excuseren dat ze niets konden doen. “Wie is die Joker?” dacht ik nog. En hij was ook genomineerd voor een Oscar terwijl Aquarela op de shortlist strandde. Ik was dus slecht gezind. Naar de uitreiking keek ik niet. Tot ik plots telefoontjes kreeg. “Heb jij de Oscar-speech van Joaquin Phoenix geschreven,” vroegen ze me. Volgens enkele Gunda-crewleden leek zijn toespraak erg op mijn ochtendpraatje van 4u – we moesten altijd beginnen voordat de varkens wakker werden. Elke keer hamerde ik erop waarom we deze film moesten maken. Die dagelijkse briefing had veel weg van wat Joaquin tijdens de ontvangst van zijn Oscar zei, ja.’


En hoe komt die Oscarwinnaar dan bij jou uit?

‘Na zijn toespraak heb ik hem meteen een onafgewerkte versie van Gunda gestuurd. “Eindelijk iemand die een film maakt over dieren én niet over ons”, zei hij. “Daar wil ik aan meewerken.” Dat was geweldig want zijn stem klinkt veel luider dan de mijne. Ook een geluk dat mijn film nu niet moet opboksen tegen een schurkenportret met Joaquin!’


Gunda is nu in de bioscoop te zien, zowel in Nederland als in België (De Cinema en UGC (Antwerpen), Palace en Kinograph (Brussel), Sphinx (Gent), Buda (Kortrijk), Zed (Leuven), Storck (Oostende)). De illustratie van Gunda is van Kaat Mondelaers.


Genoten van dit artikel? Neem een jaarabonnement op Humbug en ontvang elk kwartaal een oogstrelend magazine in je bus. Zo maak je meteen ook onafhankelijke filmjournalistiek mogelijk.