• Dieter Vanden Bossche

Hoe ‘Blue velvet’ de sinistere kant van de voorsteden toont

David Lynch bewoog hemel en hel om Blue velvet te maken. Met succes want deze surrealistische studie uit 1986 van de Amerikaanse voorsteden groeide uit tot de sleutelfilm van zijn oeuvre.


Dennis Hopper en Isabella Rossellini in 'Blue velvet'
Dennis Hopper en Isabella Rossellini in 'Blue velvet'

Na zijn uitputtingsslag Dune (1984), een rommelige bewerking van Frank Herberts vuistdikke sciencefictionroman, kostte het David Lynch heel wat energie om Blue velvet (1986) gemaakt te krijgen. Er moest vooral flink bezuinigd worden op het productiebudget, waardoor Lynch diende te knippen in zijn eigen salaris om volledige creatieve vrijheid over de film te kunnen verwerven. Speelruimte die de schepper van Eraserhead (1977) nodig had om van Blue velvet het surrealistische meesterwerk te maken dat hij voor ogen had.


Want waar Lynch naar streefde, was een film die enerzijds beïnvloed was door Salvador Dali en Luis Buñuels Un chien andalou – die iconische film uit 1929 waarin een oog wordt gefileerd – en anderzijds het werk van de expressionist Oskar Kokoschka, bij wie aspirant-kunstschilder Lynch ooit lessen volgde in Salzburg. Niet meteen doordeweekse referenties voor een film over de saaie Amerikaanse suburbs.


In Blue velvet bestudeert Lynch de schaduwkant van de kleinburgerlijke samenleving, waar niets is wat het lijkt.

Die ‘idyllische’ plek betreed je op de tonen van ‘Blue velvet’, het nummer van Bobby Vinton waaraan de verontrustende thriller zijn titel ontleend. De blauwe lucht steekt in die ouverture fel af tegen de spierwitte tuinhekjes. Met de piekfijne bloemperkjes ziet alles er onberispelijk uit, maar niets is wat het lijkt. In Blue velvet bestudeert Lynch immers de schaduwkant van de kleinburgerlijke samenleving.



Oren, zien en zwijgen


Kyle MacLachlan geeft gestalte aan Jeffrey Beaumont, een jonge student die na de beroerte van zijn vader een afgesneden menselijk oor aantreft in het braakliggende grasveld nabij zijn huis. Deze lugubere vondst laat hem niet meer los, des te meer omdat de politie geen aanstalten maakt om zich grondig over de zaak te buigen. De toen 18-jarige Laura Dern speelt de wat argeloze rechercheursdochter die Jeffrey op het spoor brengt van Dorothy Vallens (Isabella Rossellini), een gekwelde nachtclubzangeres die in de greep geraakt is van een drugsverslaafde sadist.


Jeffreys vrijpostigheid doet hem in een onrustwekkende maalstroom belanden die zowel fascinatie als afschuw bij hem opwekt. Het slaperige Californische houthakkersstadje waar doorgaans niks gebeurt – Lumberton, Washington –transformeert langzaam tot een broeihaard van geweld en waanzin. Een keerpunt in de film is de beroemde scène waarin Jeffrey de flat van Dorothy binnensluipt en vanuit de wandkast waarin hij verscholen zit getuige is van hoe de vrouw aangerand wordt door de ziekelijke psychopaat Frank Booth (Dennis Hopper), die haar man en zoontje in zijn macht heeft.


Er gaan stemmen op die beweren dat deze onbehaaglijke sequentie net zo choquerend is als de douchemoord uit Psycho (1960), en Blue velvet even bepalend was voor de cinema van de eighties als de revolutie die Alfred Hitchcock teweeg bracht aan het begin van de jaren 1960. Isabella Rossellini beschouwt het zelf alvast niet als het ingrijpendste moment uit haar toen nog prille carrière. De actrice had het naar eigen zeggen veel lastiger met de scène waarin ze zich, in een staat van hulpeloosheid, poedelnaakt op straat vertoont.


De vertolking van Kyle MacLachlan lijkt wel de voorbeschouwing van zijn rol als FBI-agent Dale Cooper in Twin Peaks

Om de angst en kwetsbaarheid van haar personage te kunnen weergeven, haalde Rossellini zich de periode voor de geest waarin het terrorisme zijn opmars maakte in het Italië van de jaren 1970 en putte uit de emoties die een iconische foto van Nick Ut bij haar wist op te roepen. Dit bewuste portret van de vluchtende, door brandwonden getekende negenjarige Kim Phùc – in de nasleep van een verwoestende aanval op het dorp Trang Bang – ging de wereld rond en werd hét symbool van de Vietnamoorlog.


Kyle MacLachlan en Laura Dern in 'Blue velvet' (©David Lynch en Frederick Elmes)
Kyle MacLachlan en Laura Dern in 'Blue velvet' (©David Lynch en Frederick Elmes)

Groot mysterie


De vertolking van Kyle MacLachlan lijkt wel de voorbeschouwing van zijn rol als FBI-agent Dale Cooper in Lynch’ mythische tv-reeks Twin Peaks (1990). Voor Dennis Hopper – de dissident uit de sixties die bekend werd met Easy rider (1969) – betekende Blue velvet zijn comeback na een lange afwezigheid waarin hij van zijn drank- en drugsverslaving herstelde. Hopper geeft een griezelige intensiteit aan de sinistere Frank Booth, die als een agressieve driftkikker tekeergaat en even onberekenbaar is als de vervreemdingseffecten waarvan Lynch overvloedig gebruik maakt. De hypnotiserende score is van de in New Jersey geboren, klassiek geschoolde Angelo Badalamenti, die de vaste huiscomponist van de regisseur werd.


De meerdere betekenislagen van deze cultfilm werden al bijna tot vervelens toe geanalyseerd in de meest uiteenlopende cinefiele tijdschriften. Toch blijft Blue velvet tot op de dag van vandaag één groot mysterie dat al zijn geheimen nog lang niet heeft prijsgegeven.



Blue velvet speelt op 10, 11 en 19 februari in De Cinema Antwerpen. Hier vind je meer info. Via Amazon Prime Video kan je de film thuis bekijken.

 

Genoten van dit artikel? Neem een jaarabonnement op Humbug en ontvang elk kwartaal een oogstrelend magazine in je bus. Zo maak je meteen ook onafhankelijke filmjournalistiek mogelijk.